Over nepkamers & stadslogo’s

Twee nieuwsgedichten, woensdagavond voorgedragen tijdens Slok op Utrecht, de maandelijkse talkshow met gasten uit het nieuws en Utrechtse dichters die hierop reageren in café Willem Slok.
Deze keer Merijn Schipper over de studenten die opgelicht werden door een malafide kamerverhuurder en Ingmar Heytze over het nieuwe Utrechtse stadslogo.


Merijn Schipper:

Hoe de straat in een trage striptease
haar schaduw uittrekt, de huizen
langzaamaan blozen en hoe
helder de lucht en hoe koud
hoe het licht overgeheveld wordt
op de gevels, zich een weg zoekt
naar de stoep, langs je schoenen
opkruipt naar je gezicht
je knijpt je mooie
ogen dicht.

Als je ze opent
sta je binnen. Je zult
de kozijnen stiften met lak en
voor het raam hang je ma d'r gestikte
gordijnen en dan - een plan:
een kleine bank, een kast, een plant
theewater wordt opgezet, met de muren
deel je al een bed.

Een pand voor een pand, lispelt
een stem. Je knikt, knippert
ineens sta je buiten. Een lach 
hinkelt van je vandaan
ramen, deuren zwijgen
de straat raapt haar schaduw op
panden worden bleker
lampen steken in de nacht
het vriest harder dan eerder
langer dan verwacht.


Ingmar Heytze: Tweede ode

Ik hou van je. Het moet maar eens gezegd.
Ik hou van al die oude, nooit geruimde hopen
steen. Dat waaigat dat probeert een plein te
zijn. Het spraakgebrek dat Utrechts heet.

Ik hou van de Dom, die hoge hoerenkast
die mensen reduceert tot mieren. Het water
dat ruist tussen de sluizen. De kelders aan
de grachten waarin vele eeuwen huizen.

Hoor het je dreunen? Daar komen ze aan:
reclamemakers, marketeers en managers.
Het is een machtig stampen. Ze branden.

je tot merk, walsen logo's van je naam,
vervalsen je geschiedenis, ze timmeren wat
krom was recht. Ze maken alles utr-echt.

De eerste ode aan Utrecht is te zien en te horen op www.utr-echt.nl.

Inhoud syndiceren
Inhoud syndiceren