zondag 5 februari 2012
Naast alleen maar wonen, hoor je in een wijk ook te kunnen leven. In een woonwijk horen om die reden ook voorzieningen voor sport en ontspanning. Dit betekent volgens het CDA dat er in principe dus horeca in een woonwijk mag zijn. Van nature kan een horecavoorziening een beperkte mate van overlast opleveren. Dat kan vervelend doch acceptabel zijn. Een sportveld of een trapveldje kan ook wat (beperkte) overlast opleveren. Er zijn echter wel duidelijk grenzen aan de overlast die die horeca mag opleveren. Slapen met dichte ramen is wat het CDA betreft een stap te ver.
Als eerste ligt daar een verantwoordelijkheid bij de bezoekers van de gelegenheid en de uitbater. De muziek moet binnen niet te hard staan. Het pand moet voldoende geisoleerd zijn. Dit zijn zaken waar de uitbater verantwoordelijk is. Ook de bezoekers hebben een verantwoordelijkheid. Bij het verlaten van het etablishement moeten die overlast beperken, zoniet voorkomen. Eventueel moet de uitbater bezoekers hierop aanspreken. Laat de uitbater een van bovenstaande zaken structureel na, dan zou de vergunning nader kunnen worden bekeken. Samen moet je daar uit kunnen komen!
Dan ten aanzien van terrasruimte. Utrecht heeft relatief weinig terrasruimte, terwijl er wel veel pleinen zijn. Bij mooi weer zit alles meteen vol. Voor de zomermaanden worden er meer tijdelijke terrasvergunningen afgegeven in de horeca gebieden waarbij goede handhaving belangrijk blijft om overlast te voorkomen. Dit laatste punt is voor het CDA erg belangrijk: handhaving en helderheid over wat mag en wat niet mag.
Het CDA pleit voor meer horeca in Leidsche Rijn: de gemeente moet actief meehelpen in het vinden van geschikte locaties voor horeca in de buurten van Leidsche Rijn: dat geeft meer levendigheid, en binding met de wijk. Combinatie van voorzieningen met horeca moeten actief worden gestimuleerd, waarbij de gemeente dus niet zozeer de onmogelijkheid qua regeltjes aangeeft, maar meedenkt hoe zaken wel mogelijk kunnen worden gemaakt.





Beste eikol,volgens mij gaat dit verhaal van deze mevrouw juist over dat handhaven van de gemeente Utrecht waar jij zo hoog over opgeeft.
Er gebeurt helemaal niets om deze mevrouw te helpen, en dan heb jij het over handhaving en helderheid, hebben jullie vier jaar lang zitten slapen of zo.
Als raadslid moet je juist op de bres springen voor deze mevrouw en haar probleem werk desnoods samen met andere partijen in deze kwestie.
Ik begrijp ook niet echt wat Leidsche Rijn hier mee te maken heeft hoor.
Ik vind het jammer dat mevrouw niet de juiste raadsleden heeft ingeschakeld zoals oa(GERDA OSKAM of VINCENT OLDENBORG) dit zijn raadsleden die zich wel iets aantrekken van de inwoners die problemen hebben en oplopen tegen een bureaucratische muur van ambtenaren.
Rene.